1.8.07

Fokje

door Loor


Een onderwerp waarover ik wel eens stevige discussies heb met mijn seksegenoten, is de Zuiver Platonische Vriendschap tussen mannen en vrouwen. Daar waar sommige van mijn vriendinnen heilig geloven dat de sekse er in een goede vriendschap niet toe doet, daar zet ik mijn vraagtekens bij de haalbaarheid en oprechtheid ervan.

Zo heb ik in het verleden mogen ervaren dat er achter een uiterst prettige en ontspannen vriendschap tussen mij en een bepaald heerschap uiteindelijk meer stak dan ik me realiseerde. Op het moment dat ik ontdekte dat hij zijn vrouw niet op de hoogte bracht van onze regelmatige lunch- of dinerafspraken, wist ik genoeg. Bovendien verklaarde deze ontboezeming meteen zijn geërgerde en cynische reacties als ik hem vertelde over een al dan niet nieuw object van verlangen. Die status had hij zichzelf al toebedeeld.

Ooit maakte een nieuwe liefde het nog bonter, door zijn al tig jaar durende platonische vriendschap met een dame een zo prominente rol in onze prille relatie te laten spelen, dat iedereen zich op den duur ernstig afvroeg op wie de goede man nu werkelijk verliefd was.

Voorbeeld: tijdens een eerste serieus weekend samen in zijn buitenhuisje, waarin ik me met warhaar, onopgemaakt en in zijn overhemd door het huis bewoog, merkte hij tussen neus en lippen door op dat zijn boezemvriendin - laten we haar voor het gemak Fokje noemen, het was iets van die strekking - Fokje de enige vrouw was die het zich kon permitteren geen make-up te gebruiken. Daarbij een stapel foto's van Fokje onder mijn neus duwend.

Toen ik na een paar uur zijn zwijmelende en oeverloze gezever over Fokje niet meer aan kon horen (alarmfase 1) en hem vroeg of hij eigenlijk niet heel erg verliefd was op Fokje, lachte hij me hard uit. "Dat denkt iedereen, schat. Zelfs mijn moeder! Maar nee hoor, het idéé alleen al!" Niet helemaal gerustgesteld smeerde ik even later toch maar wat mascara op mijn ogen.

Maar Fokje met een grote F verdween niet naar de achtergrond. Nee, we stonden met Fokje op (hij, iedere zondagmorgen: "Zullen we even koffie gaan drinken bij Fokje?") en we gingen met Fokje naar bed (hij, tijdens het in bed tv kijken: "Dit programma zit Fokje nu ook vast te kijken!").

Dat Fokje (die het vooral heel druk had met onopgemaakt nonchalant zijn) getrouwd is met een bloedmooie man en een paar kinderen heeft, dient natuurlijk wel vermeld te worden. Alleen was/is/blijft Fokje net zo idolaat van het platonische vriendje als hij van haar. Ondanks haar goddelijk uitziende echtgenoot, die het verdient tot aan het einde der dagen bemind en aanbeden te worden. Maar zodra Fokje en het vriendje bij elkaar in de buurt waren, werden zowel ik als de echtgenoot op de reservebank geparkeerd.

Fokje pieste nog net niet over het vriendje heen, teneinde haar territorium af te bakenen, maar haar non-verbale boodschap was duidelijk: He's mine! De boodschap werd nog duidelijker toen ze letterlijk in mijn oor fluisterde: "Heel leuk hoor, dat vriendje en jij het zo goed met elkaar kunnen vinden. Totdat het schip strandt, natuurlijk. En dan hoop ik dat jullie goede vrienden blijven".

Terwijl Fokje doorkakelde, probeerde ik heel neutraal te kijken, wat best moeilijk was, want er schoten vooral kreten als Kill! en Whaaaaa! door mijn hoofd. Alarmfase 2 ging in razendsnel tempo over in alarmfase 3.

"Nogal een vreemde opmerking", riep ik later tegen het vriendje, dat vond dat ik erboven moest staan. Alleen hij, Fokje en haar man begrepen hoe het werkelijk zat met hun incestueuze driehoeksrelatie. Maar ik hoefde me echt geen zorgen te maken. En met deze opmerking verdrong alarmfase 4 in een nanoseconde alarmfase 3.

De meesten waren al weggeweest bij alarmfase 1. En terecht. Maar ik heb nu eenmaal veel talent voor het hebben van instabiele non-relaties, dus bleef ik nog even plakken.

Uiteindelijk en in het kader van three is a crowd, dat altijd al mijn motto was, trok ik me terug uit Operatie Overbodige Lading. En het vriendje was weer van Fokje en zij weer van hem. Beiden heilig gelovend in de zuivere geestelijkheid van hun vriendschap.

De echtgenoot van Fokje zie ik nog wel eens rijden. Hij heeft iets gekwelds in zijn ogen, iets dat ik eigenlijk altijd al zag, maar nu pas begrijp.

1 opmerking: