2.9.07

Briefje

door Loor


Een vaste lezer vroeg me wanneer ik weer over de Liefde ga schrijven, net nu ik had bedacht dat ik mijn zomerfeuilleton over dit onderwerp zo mooi had afgesloten.
De laatste ontmoeting met Ex, die ontaardde in elkaar glazig aanstaren en ineens weer heel verwarrend hand in hand lopen, zorgde ervoor dat ik me daarna ontzettend ging focussen op zaken die vooral niet van het hart zijn. Zo stortte ik me op een zelfstudie Journalistiek, lunchte links en rechts met uitsluitend vrouwen, schreef een braaf stukje over het eeuwige conflict tussen Israël en de Palestijnen en daarna nog een kritisch stukje over de drukjacht. Maar toen moest ik weer aan Ex denken, die op dat moment in zijn jagerspak door het gebladerte van de Schotse Hooglanden kroop. Dat werkte dus niet. Dat hij af en toe een sms stuurde, ook niet.

Wat wel hielp, was een anoniem briefje dat ik vanochtend op mijn deurmat vond, waarop stond geschreven: 'Aan de bewoonster van nr. 14. Niet netjes, een verhouding met een getrouwde man!'

Pardon?

De beschuldigende tekst was in een bibberig handschrift op een afgescheurd papiertje gekrabbeld en onhandig door mijn brievenbus gepropt. Iemand had in het holst van de nacht de moed gevonden om mij op deze manier eens flink de les te lezen over mijn vermeende affaire met een getrouwde man.

Dat je daar best paranoïde van wordt, omdat de kans groot is dat de anonieme afzender één van de buurtbewoners is, lijkt me duidelijk. Dat de beschuldiging onterecht is (ja, hallo, Loor hier! Puriteinse met het leven van een zesentachtigjarige non, blank en ongeschonden en dat soort zaken!), maakt dat ik vooral heel primair wil reageren. En secundair.

Tot het overgaan van een grondig buurtonderzoek lijkt me bij nader inzien niet raadzaam. Negeren is het devies. Nou staat negeren nogal haaks op primair reageren en hink ik op twee gedachten: de confrontatie aangaan middels aanbellen en dan veelbetekenend kijken (ik moet de komende week toch in mijn eigen buurt collecteren voor de Dierenbescherming), of juist met opgeheven hoofd en blij fluitend vijf keer per dag langs ‘verdachte’ huizen huppelen (maar dan moet ik nog steeds collecteren).

Een klein briefje dus, met grootse gevolgen voor mijn gemoedsrust. Ineens voel ik me begluurd en aangevallen, door iemand die blijkbaar vol griezelige oordelen zit maar te laf is om me met open vizier tegemoet te treden. En dat is nu precies wat er met deze wereld aan de hand is

Komende week ga ik serieuze gordijnen aanschaffen. Heel leuk, die bamboedingen voor mijn raam, maar des avonds kijk je er dwars doorheen. Wat men dan aantreft? Loor en haar laptop. Al dan niet schrijvend over de Liefde en aanverwante zaken. En af en toe een glazige blik werpend op haar mobiele telefoon.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen