15.10.08

Identiteit

door Loor


Een regel waar ik lang moeite mee heb gehad, is dat ik, omdat ik kind ben van een Joodse vader en een niet-Joodse moeder, volgens de halachische wetten niet Joods ben. Ik heb een (vol)joodse vader, een grote Joodse familie en voel me sterk verbonden met het Jodendom. Hell, ik bezit zelfs wat uiterlijke kenmerken (hoewel die officieel niet bestaan), maar ik ben het niet, mag het niet zijn.
Doodvermoeiend is het om steeds de vraag te moeten beantwoorden of mijn moeder al dan niet Joods is (meestal wordt deze vraag gesteld door betweterige niet-Joden), om vervolgens het stempel ‘niet-Joods’ opgedrukt te krijgen. Als je de betweters naar hun overige kennis van het Jodendom vraagt, blijft het vaak opvallend stil. Grappig genoeg vinden alweer diezelfde mensen bepaalde karaktertrekken van mij dan weer typisch Joods.

De definitie van ‘wie is Joods’ is gebaseerd op de traditionele Joodse wetgeving en luidt: "Alleen die persoon waarvan de moeder ten tijde van de geboorte een Jodin was of de persoon die zich vrijwillig tot het Jodendom heeft bekeerd op grond van de Joodse wetten is Joods." Dat deze regel zo’n 2000 jaar geleden uit nood geboren werd, was begrijpelijk, omdat in die tijd veel kinderen geboren werden uit een Joodse moeder als gevolg van verkrachting, slavernij of ander seksueel misbruik, en de identiteit van de vader dus vaak niet te achterhalen was.

Met deze en aanverwante kennis stapte ik ooit naar de rabbijn van de Liberale Joodse Gemeente in Amsterdam. Ik vroeg hem waarom in deze tijd van DNA-onderzoeken, en dus de mogelijkheid tot het doen van een vaderschapstest, deze achterhaalde regel niet eens aangepast kon worden.

De rabbijn, een liberaal denkende en geestige man, was het met me eens. "We hebben, anno nu, helaas nog steeds te maken met bureaucratie" zei hij cynisch "en ik ontvang per dag gemiddeld zes jonge mensen die vanuit dezelfde situatie als die van jou mij dezelfde vraag komen stellen. Je bent dus zeker niet de enige die worstelt met dit vraagstuk".

Het gesprek werd wel weer glorieus toen hij me zei dat kinderen van gemengd gehuwden inmiddels ‘vaderjoden’ worden genoemd. Daarnaast worden vaderjoden tegenwoordig meegenomen bij de telling van het aantal Joden in Nederland.

Vaderjood: een niet echt bevredigende status, maar een – in het licht van de toen te bestrijden identiteitscrisis – zeer aanvaardbare.

Wat de rabbijn betrof was ik welkom in zijn gemeente, maar volwaardig lid mocht ik nog niet worden – ik zou eerst een twee jaar durende procedure moeten doorlopen om als Joods erkend te kunnen worden. Hij stuurde me weg met de mededeling dat ik nog maar eens goed moest nadenken over de zwaarte van het hele proces en de uiteindelijke belangrijkheid ervan. "Wat je ook beslist, door hier te komen en de juiste vragen te stellen heb je aan mij laten zien dat je beschikt over de ‘nesjomme’, de Joodse Ziel. Zie maar eens of die wetenschap voldoende is om enige bevestiging in jezelf te vinden."

Na een tijdje ondergedompeld te zijn geweest in de wereld der Joodse Feestdagen en Tradities (zo ging ik wekenlang op vrijdagavond braaf sabbat vieren in de synagoge, terwijl mijn vrienden cocktails dronken in überhippe loungeclubs), begon mijn identiteitscrisis aanvaardbare proporties aan te nemen. Ik had door mijn aanwezigheid in de synagoge verwacht als de Verloren Dochter te worden opgenomen in de gemeenschap, maar dat viel bitter tegen. Ik bleef een zoekende eenling op de achterste rij van de zaal, een vreemde eend in de bijt, een soort groepsnazi in een gemeenschap waaraan iedereen slechts in familieverband leek deel te nemen.

De rabbijn kreeg uiteindelijk gelijk. Zijn woorden waren destijds wijs en realistisch en ik ben hem dankbaar dat hij me niet meteen heeft overgehaald om zo snel mogelijk ‘uit te komen’, zoals dat zo mooi heet als iemand officieel Joods wordt. Dankzij hem was er tijdens mijn zoektocht sprake van een Bepaald Moment, het moment waarop ik zei: het is goed zo, ik accepteer dat ik ben wie ik ben. Joods, niet-Joods, een vaderjood of wat dan ook.

Wat mij betreft slaat de definitie van ‘wie is Joods’ op eenieder die zich identificeert met het Joodse volk. De beperkingen die wij (ja, ik permitteer het me in de wij-vorm te spreken) onszelf opleggen zijn onzinnig en achterhaald. Het Joodse volk is een klein volkje en zou eigenlijk – in dankbaarheid – iedereen die zich bij hen wil aansluiten met open armen moeten ontvangen. Juist vanwege onze geschiedenis. Omdat we hier, ondanks duizenden jaren van Jodenvervolging en de door Hitler bedachte Endlösung der Judenfrage, nog steeds zijn.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten