25.6.09

In liefde en oorlog

door Loor


Dat deed je helemaal goed, lieve Julius. Het vrouwtje (hoewel, wie is op dit moment ‘het’ vrouwtje?) zag groen en geel van jaloezie toen je na het eten met me mee galoppeerde naar de deur om samen voorgoed richting onbekende bestemming te vertrekken. In mijn amazing Mazda, hevig balancerend op de gammele hoedenplank.
Zonder omkijken, zonder afscheid en zonder enig gevoel van mededogen voor degene die jou toch heeft gevormd tot wie je nu bent: een scherp, gehoorzaam, slim en zeer getergd kijkend teckeltje met grootheidswaanzin.

Het was geweldig dat je tijdens het eten zo lief aan mijn voeten lag, terwijl die van het vrouwtje onder de tafel hulpeloos en in het luchtledige tastten naar jouw ontstellende plukkerigheid. Ja, nebbisj, ze had je écht gemist.

Deze daad van liefde deed mij groeien zoals nooit eerder. In nog geen drie weken tijd ben jij niet alleen in mijn hart gekropen, maar ik ook definitief in dat van jou. En dat is echt, heus, heel bijzonder, want ik was toch altijd ernstig van de antihonden afdeling. En jij verknocht aan het vrouwtje. Dacht ik. Dacht jij.

Jou na al die weken niet toelaten op mijn hoedenplank, maar je met pijn in het hart terugsturen naar het verbijsterde vrouwtje in de deuropening, viel niet mee. In het geheel niet. En het spijt me dat ik daarna niet meer heb omgekeken of nog tig keer heb gezwaaid, toen ze je aan je halsband tegenhield. Het ging niet. Het was beter zo.

Hoe schrijnend leeg is mijn achteruitkijkspiegel. Hoe stil is het in huis.

De dagen tel ik af. Tot we weer voor een paar weken tot elkaar veroordeeld zijn. Als jij nou net doet of je echt verknocht bent aan haar, dan breng ik van de week een paar aantrekkelijke reisgidsen langs. Geslepen teamwork, weet je wel. In liefde en oorlog en zo.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten