23.5.11

Weegschaal

door Loor


Over de AIPAC speech van Obama zijn de meningen hevig verdeeld. 'Hij heeft kwade intenties, levert Israël uit' roepen zijn felste tegenstanders. Hij zegt toch best redelijke dingen, menen de zelfverklaarde genuanceerd denkenden. Ik, die min of meer tot de eerste groep behoor, heb er eigenlijk geen duidelijke mening over, maar dat komt deze keer doordat ik redde- en redeloos verliefd ben. Obama’s hele existentie zal me een zorg zijn.

Het enige wat me opviel in zijn oratie, zoals me altijd opvalt bij gesprekken over hoe-vrede-te-stichten-in-het-Midden-Oosten, is de weegschaal die zo nodig in evenwicht moet blijven. Als Israël dit wil, dan moeten de Palestijnen dat, en vice versa. Dat kan oneindig doorgaan, is vanuit een beschaafd standpunt te begrijpen, maar het is niet de realistische benadering van het conflict tussen twee partijen waarvan de ene partij Israël niet wil erkennen als Joodse staat, de vernietiging ervan voor ogen heeft, zich op bijna dagelijkse basis de agressor toont en middels schandalige haateducatie de vijandschap tegen Joden tot in generaties hierna in stand zal houden. Een partij die een Arabische staat Palestina af wil dwingen, ook al heeft die staat nooit bestaan, en daarbij de dodelijkste wapens en het offeren van burgers niet schuwt.

Tegen een bezetter als Israël mag je je met alle middelen verdedigen, menen zelfs politici hier te lande. Toch vraag ik me opnieuw af of er een ‘Palestijnse zaak’ was geweest wanneer de huidige ‘bezette gebieden’ in 1967 definitief veroverd waren geweest door Egypte, Syrië en Jordanië. Of van deze landen was gevraagd de Palestijnen hun grond terug te geven, of ze op te nemen in de landen waarvan zij feitelijk de oorspronkelijke bewoners waren. Ik vraag me oprecht af of vredesduiven als Van Agt, Duisenberg en Van Bommel ze nog een blik waardig hadden gekeurd als die geschiedenis anders was gelopen.

Ondertussen is het ‘offensief tegenover defensief’, waarbij het offensieve kamp eigenlijk een tandje harder zijn best moet doen om de vrede (en het land) te verdienen die het feitelijk zo met man en macht bestrijdt. De weegschaal mag best wat zwaarder zijn aan de kant waar de onwil het grootst is, qua voorwaarden. Topzwaar, om eerlijk te zijn. Een eigen staat, een nieuw land, daar mag die kant best een beetje moeite voor doen. En dat is best aardig voor die kant, na decennialang het vervelendste jongetje van de klas te zijn geweest.

Obama, en hier begint het dan toch weer te kriebelen, lijkt met zijn evenwichtig gebrachte voorwaarden enigszins losgekoppeld te zijn van de realiteit. De realiteit dat Israël onze enige bondgenoot is in dat werelddeel; de enige buffer die ervoor zorgt dat dit werelddeel niet volledig wordt overgenomen door militante islamisten en dus meer mag verwachten van vriend Amerika dan de partij die beslist geen vrede zoekt, zich opstelt als een huilend rupsje nooitgenoeg.

Het was dan ook verfrissend om te zien dat Netanyahu in zijn antwoord aan Obama bleef staan voor wat goed is voor de soevereiniteit van zijn land. Een krachtig voorbeeld voor een wankele leider als Obama, die sinds het begin van de ‘Arabische Lente’ een aantal naar democratie strevende Midden-Oosterse landen probeert te versterken en te beschermen. Landen die Israël in een zucht zouden vernietigen als ze de kans kregen. En met al zijn handreikingen, toezeggingen en mea culpa’s is Obama onbedoeld bezig ze hierbij te helpen.

1 opmerking:

  1. Uw blog net gevonden via de onvolprezen EJ Bron. Prachtige teksten en foto's. Bedankt.

    Jarre

    BeantwoordenVerwijderen