15.8.11

Un Prophète

door Hafid Bouazza


Over mijn migratie naar Nederland zal ik nooit een onvertogen woord zeggen. Jong als ik was heb ik nimmer last gehad van heimwee of van angst voor de nieuwe omgeving en de nieuwe mensen. Behalve dat we met veel egards en gastvrijheid werden ontvangen door de buren en de kennissen die mijn vader had gemaakt (een vrouw bracht ons zelfs een bos bloemen) in dat kleine dorpje daar, dat erkertje tussen de Linge en Merwede.

Ik herinner mij de eerste jaren als vooral een aaneenschakeling van ontdekkingen en verwonderingen en – ontwikkelingen. Elektriciteit, gas, stromend water, de Nederlandse taal, het vak Tekenen, tekenfilms (Bambi in de bioscoop!) en wat later ook lezen – van strips en boeken. Kinderboeken las ik nooit en heb ik nooit gelezen – ik hoorde slechts aan wat de juffrouw voorlas en dit met slechte concentratie. Ik kan mij nog steeds niet op een tekst concentreren als deze voorgelezen wordt en heb mij verbaasd dat er in de loop van tijd veel mensen het werk van uwe nederige dienaar voorgelezen willen horen – door dezelfde stotterende dienaar.

Alfred Apple Jr. heeft geschreven dat een volwassen kunstenaar altijd bezig is met zijn jonge liefdes te verdedigen en te herwaarderen. Uiteraard had hij het over liefde voor de kunst en niet voor vrouwen of mannen (dat is een apart hoofdstuk en aan de voorbije crushes of crashes valt er bij mij in elk geval niets te verdedigen, laat staan dat ik ze uit mijn brakke geheugenput zou willen ophalen). Het is waar dat iets wat grote indruk heeft gemaakt op ons tijdens de jeugd een permanente liefde ontsteekt, maar in sommige gevallen lijkt het sculpturerend geheugen ermee op de loop te zijn gegaan en blijkt het origineel teleurstellender te zijn dan het resultaat van het manipulerend geheugen. Hetgeen bewondering kan afdwingen voor de creatieve kanten van Mnemosyne, maar ook een waarschuwing is tegen al te slaafse afhankelijkheid van onze herinneringen.

De culturele ontvankelijkheid en onbevangenheid die ik hier in Nederland had en die mij los van algemene waardeoordelen en vooroordelen over een kunstwerk (film, boek, muziek) een willige en gretige Ptah maakten voor al het nieuwe en onbekende, is het enige voordeel waarvan ik kan zeggen dat ik die zonder migratie niet gehad zou hebben. Hoe vaak werd ik verliefd op dit of dat – een sensatie die ik nog scherp navoel – en ik dacht eerlijk gezegd dat het wel voorbij zou zijn als ik ouder en volwassen werd.

Tot mijn broer mij aanried de Franse film Un Prophète (2009) van Jacques Audiard te zien. Van de regisseur had ik nog nooit gehoord, maar ik ging naar de bioscoop – en over een coup de foudre gesproken! Mon Dieu! Ik was verpletterd. De claustrofobie van de gevangenis waarin de film zich afspeelt werd gevangen in fresco’s van close-ups; de rite van een analfabete zwerver naar de top binnen de gevangenishiërachie werd afgebeeld als ware het een triomftocht van Sisyfus – de rots rolde wel naar beneden, maar om anderen te treffen, hijzelf genoot van het weidse landschap en uitzicht. Dit begint wanneer de jongeman voor het eerst van zijn leven in een vliegtuig zit en wij zijn elatie en opzwelling van de muziek zien en horen – en we voelen het mee. En daarna wordt hij een berg opgereden in Marseille.

Sommige critici hadden moeite met de surrealistische of metafysische aspecten van de film. Nadat Malik El-Djebna, zoals de jongeman heet (gespeeld door Tahar Rahim), Koning van de Grafakker, een woordspeling met Malik El-Debbana, Koning van de Vlieg – een kleinere versie van Beëlzebub, Heer der Vliegen – een medegevangene, Reyeb genaamd, vermoordt in een lange ademstillende scène, begint hij visioenen te krijgen van de dode Reyeb, die hem niet komt straffen, maar juist onderwijzen en hem voor de toekomst sneeuw beloven. Na de moord zien we in een slow-motion sequentie Malik worstelen met Reyeb die hem wil smoren met een laken.

Er zijn verschillende versies van de hadith, en in een van die versies heeft Gabriël een beschreven doek waarmee hij de profeet Mohammed wil wurgen onder het bevel: Iqra’ – lees. Terwijl Mohammed net zoals Malik een wees en analfabeet is. Dit woord zal later in het Arabisch in beeld verschijnen en Reyeb – de geest – vertelt Malik over de tochten van Mohammed naar de grot in een berg waar hij zich terugtrok, eerst om te mediteren, later om Gabriël te ontmoeten.

Een andere mythische toespeling is wanneer zijn Corsicaanse baas hem met een lepel aan één oog verblindt en hij een soort halve Tiresias wordt die in de toekomst kan kijken. Hij voorziet de gazellen die ze zullen aanrijden (‘indak ‘l-ghzál! – Pas op! De herten!). Dit brengt hem nog een trede hoger binnen de gevangenis.

Op het einde, als Malik in isolatie zit en hij steeds wakker wordt om hardop te vragen of Reyeb er is, zit hij voor precies 40 dagen vast. Dit is het aantal dagen dat Mohammed op de berg verbleef. En de sneeuw die Reyeb hem voorspelt, keert gemetamorfoseerd terug in het hoogtepunt van de film: wanneer Malik twee mensen doodt (alles is stilte: we horen enkel de pistoolschoten) en op zijn gezicht een glimlach verschijnt die een zalige dood impliceert of extatische triomf. Waarin de sneeuw metamorfoseert zal ik niet zeggen. De film is al enige tijd voor weinig geld op Blu-ray te krijgen, mijn goede lezer.

Hafid Bouazza (1970) heeft in de afgelopen vijftien jaar aan tal van kranten en tijd­schriften bijdragen geleverd die voor ophef zorgden, reacties uitlokten en bovenal aantoonden dat Bouazza een van de grote schrijvers van onze tijd is. Bouazza publiceerde eerderDe voeten van Abdullah (E. du Perronprijs 1996),Momo, Een beer in bontjas, Salomon, Paravion (De Gouden Uil 2004), Spotvogel en Heidense Vreugde. Ook is hij samensteller-vertaler van de Arabische Bibliotheeken vertaalde hij Shakespeares Othello en Het temmen van een feeks. Un Prophète verscheen eerder in de papieren editie van NRC Handelsblad.

1 opmerking:

  1. "Sta ik daar wel even met een focking gouden (?) scalpel!"
    (Sorry - moest 'm toch even maken...)
    Gefeliciteerd Hafid!

    BeantwoordenVerwijderen