27.3.14

Willen jullie erover praten?

door Hafid Bouazza


'Het daghet in den Oosten, het lichtet overal. Hoe luttel weet het Marokijntje, och, waar hij henen zal.'
Want de Marokkaan die niet bestaat, net zomin als de Nederlander bestaat, zoals koningin Máxima zei, is weer slachtoffer van haat en racisme en uitsluiting en noem maar op. De Marokkaan bestaat niet, omdat een Marokkaan een individu is. Niks mis mee.
Een persoon met ouders die in Marokko geboren zijn, maar die zelf in Nederland geboren is, is gewoon een Nederlander. Top. Zo hebben Marokkanen ons laten weten die zich als Nederlander hebben betoond door hun reactie op de uitspraken van Geert Wilders.

W
anneer men spreekt over Marokkanen dan hebben we begrijpelijkerwijs te maken met individuen die hun identiteit niet topografisch laten bepalen- anders zou het wel heel vreemd en bizar zijn om een persoon die in Nederland geboren is een Marokkaan te noemen, nietwaar?

Is het dan niet vreemd om je als Nederlander (al dan niet met de hashtag #bornhere – ironisch: wat is er mis met #hiergeboren?) aangesproken te voelen als Nederlander, wanneer iemand het heeft over Marokkanen?
Hier klopt iets niet. Zeker niet als ‘sympathiserende’ mensen plotsklaps en opeens en plotseling tot ‘allemaal Marokkanen’ transformeren. Dan is zelfs een hark niet groot genoeg als kam. Over zo’n kam mag je mensen echter wél scheren? Wat is het verschil tussen xenofobe generalisatie en xenofiele opeenhoping?
Heel simpel: xenofilie is erger, omdat zij de bevolkingsgroep in kwestie domesticeert, aaibaar maakt, onderdanig, gehorig en gehoorzaam.  Passend in een hok. Ze maakt van Dracula Graaf Tel.
En wat doen de Marokijntjes die als individu beschouwd willen worden en als Nederlanders die niet over een kam geschoren willen worden? (Even los van de massale aangiftes.) Die kleven samen om een epistel aan de minister president te schrijven waarin ze om speciale bescherming vragen, zoals in de Volkskrant. Dat is dus vragen om een grotere kam – of een grotere schaar, ligt er maar aan waar de voorkeur ligt.
Sentimentaliteit is de schaduw van agressie. De gelakte nagels van woede. Maar wat voor woede? (Hou deze vraag vast.)
Sentimentaliteit is een leugen, zij is voorverpakte emotie met alle verboden E-nummers vandien. Zij is derhalve generalisatie bij uitstek.
Van het fabeltje dat de gastarbeiders Nederland hebben opgebouwd gapen we misschien enkel nog. Het is alsof Nederland, wat zeg ik, heel het Westen, een braakliggend gebied was voordat ‘onze’ vaders hier kwamen werken. (Wirtschaftswunder is Arabisch voor ‘je moeder…is leuk’.)
Maar de openbriefschrijvers van voornoemde krant hebben het zelfs over Marokkaanse soldaten die meevochten met de geallieerden om Nederland tijdens WOII te bevrijden. Tiens. Leugens zijn menselijk,  geschiedvervalsing is gevaarlijk – en onthullend, omdat deze toont dat een bevolkingsgroep enkel en alleen betrokken kan worden door zich een rol toe te bedelen die het nooit gehad heeft. Met andere woorden: het getuigt van en bewijst een totaal gebrek aan empathie met de geschiedenis en al dan niet politieke traditie van een land dat de groep zich toeëigent (#bornhere, dit is ons land, wij blijven hier). En dat door een groep die om sympathie en een speciale behandeling vraagt van een land dat het beiden geeft. Zie (en daarna nooit meer) voornoemde brief in voornoemde krant.
Ik verheug me al op wat er van Hans Brinker (Amerikaans verzinsel) gemaakt gaat worden.
Enough! or Too much!  zei William Blake.
Dit moet toch eens ophouden. Ik begrijp dat elke generatie het wiel opnieuw moet uitvinden of misvormen. Maar met zoveel wielen vóór ons uitgevonden, is het niet tijd om de vleugels uit te slaan?
Slachtofferschap is eindig en begrensd.
Met zoveel spiegels om ons heen kan het toch niet zijn dat niet één reflectie opvalt? Namelijk dat deze totaal onnodige ophef over ‘minder Marokkanen’ in een kroegje met een tweehandvol mensen niet tot solidariteit heeft geleid, maar juist tot een splitsing van Marokkanen en goedbedoelende Nederlanders? 

Wanneer horen we jullie, gezamenlijke openbriefschrijvers aan de minister president, de lof zingen van Nederland dat jullie nimmer, in sociaal-economisch opzicht, of in wat voor andere opzichten dan ook, anders heeft behandeld dan de inheemse bevolking? Zoveel politieke betrokkenheid om de etnische afzonderlijkheid te bejammeren. Zoveel politieke kennis en zo bedreven in loze discussies en dan bang zijn dat de rechtstaat jullie in de steek zou laten?
Dit is dreinen om onnodige aandacht. En – erger nog – drenzen om exclusieve rechterlijke bescherming – juridische bevoordeling. Dit is precies het tegenovergestelde van de democratische waarden die jullie zeggen te ondersteunen.
De verongelijktheid bedekt de leegte niet. De discursieve trucjes zijn op. Wat zeg ik? Als zelfs een woord als ‘tfoe’ (een klanknabootsing!) ingeburgerd raakt in de Nederlandse taal en tot komische proporties verheven wordt, dan is het tijd om je achter de oren te krabben.
Slachtofferschap is eindig en begrensd.
Na het krabben achter de oren, leg dan bijbels de hand in eigen boezem. Want de woede die onder die boezem klopt, is niet woede om dit land dat jullie nooit in de steek heeft gelaten. Het is een andere woede. Het is de woede die elk hart voelt dat ontkooid wordt.
Het is zelfwoede. Woede op jezelf. Kenmerk hiervan is de stribbeling tegen serieus genomen te worden. En je liever te wentelen in een bevoorrecht slachtofferschap. Het brokaat van geveinsde armoede.
Willen jullie erover praten?

Hafid Bouazza (1970) heeft in de afgelopen vijftien jaar aan tal van kranten en tijd­schriften bijdragen geleverd die voor ophef zorgden, reacties uitlokten en bovenal aantoonden dat Bouazza een van de grote schrijvers van onze tijd is. Dit essay werd geschreven door Hafid Bouazza en verscheen eerder op The Post OnlineFoto: Eline Klein ©